![]()
lucas munichstraat 76/82
9000 gent(belgium)
en passant (1991)
crox 18 - 25 instalramen in de Gentse binnenstad (september 1991)
concept: Frank Van den Eeckhout en Hans van Heirseele
De Gentenaar (vrijdag 27 september 1991): KUNST IN HET UITSTALRAAM:
GOEDE ZAAK VOOR DE WINKELS.
GENT- Als u de komende weken uit winkelen gaat, en u komt plots voor een etalage vol vreemde en onverkoopbare dingen te staan, dan is er veel kans dat u Kunst tegen het lijf gelopen bent. Heel wat winkels hebben namelijk een deel van hun uitstalramen gereserveerd voor een tentoonstelling: En Passant. In totaal 25 kunstenaars of kunstenaar-duo's hebben evenveel uitstalramen van hun bijdrage voorzien. Het is een aardig, wat ludiek initiatief geworden.
De organizator is vzw Croxhapox. Vroeger had die vzw een onderkomen in een pand op het pleintje achter de Sint-Jacobskerk, nu luidt hun adres: postbus 608. Ze zijn dus dakloos; vandaar misschien wel het idee voor
die straatexpositie.
De kunstenaars zijn niet onmiddellijk beroemdheden, dat is ook niet de bedoeling. Croxhapox wil vooral jonge mensen een forum bieden.
Het vertrekpunt ligt in de Sint-Pietersnieuwstraat, in de Backstage. Daar kan je een plannetje of een katalogus krijgen. Daar ook opende Jan Carlier vorige week de tentoonstelling. Hij slingerde een reusachtig gewicht door het glas aan de straatkant. Aan de ketting van deze reuzeslinger hangen twee veertjes: het werk is een metafoor voor de kunst die vanuit haar elitaire ruimte naar de straat wil toespringen. Het devies bij uitstek van deze tentoonstelling.
Vandaar ga je op stap. Langs Marc De Roover die wormen in turf uitspreidde in de etalage van Sensa en langs Renee Lodewijckx, die je aangaapt vanop videoschermen, geplaatst tussen een familie reuze speelgoedkonijnen op een bodem van konfetti: de kunstenaar als carnavaleske nar.
Veel werken maken de etalages een stuk attraktiever, ze brengen er aksenten in aan. Ze geven er een meerwaarde aan, maar die meerwaarde is niet altijd van artistieke aard. Hun verleidelijkheid is van dezelfde
orde als die van een mooie etalage zonder mee. En mooie etalages waren hier al, ook voor deze uitstalramen tot instalramen werden omgedoopt. Misschien dat hier een aantal kunstenaars een ideale branche hebben
gevonden./ Johan Van Geluwe levert één van de sterkste momenten. Achter de onderste vensters van het poëziecentrum legde hij twee kransen: een rouwkrans achter het ene, een lauwerkrans achter het andere. De vensters zijn laag geplaatst, tegen de straat aan, zodatje de indruk hebt in katakomben binnen te kijken. Maagdelijk toegedikte katakomben dan, want buiten de kransen zelf is alles in het wit, ook de lintjes. Het
interessante eraan is dat Van Geluwe met de kontekst speelt, in casu de poëzie. Hij verbeeldt haar kille glorie, schoon en steriel.
De tentoonstelling mag er best zijn, gewoon al om het charmante idee waardoor ze ook niets vermoedende passanten met kunst weet te vangen. Verleidelijk en verwarrend is dat, omdat je plots met iets anders wordt
gekonfronteerd, daar waar je pasklare produkten, ondubbelzinnige dingen verwacht. Jammer misschien dat er te weinig met die idee van het uitstallen gebeurt, want dat is juist het spannende van het koncept.
Het is vreselijk exhibitionistisch, als je er even op doordenkt.
Verder is En Passant vooral een goede zaak voor de winkels. Ook wij hebben weer een paar leuke zaakjes ontdekt. Geen kwaad woord dus. (DP)
