encyclopedie

This encyclopedia offers a splendid and wildly recommendable insight in the world of Croxhapox, combining trivial pursuit and serious matter. The entries have been mostly written in Dutch but quite a few have been translated. If you want the Dutch original, change your choice of language and go to the 'encyclopedie'.

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

2006. crox 171, COLLECTIE 1. Een kubusproject met een selectie driedimensionele mailart stukken uit de collectie van Sjoerd Paridaen. Een van de correspondenten is de Zuidafrikaanse Veronica Gabriëlse.

2009. crox 323, DOUBLE YES. Een project in de kubusruimte.

New American Story Art, crox 205, een project van gastcurator Larry Walczak. CG figureert in het projectvoorstel, september 2005, een rijk met tekst- en beeldmateriaal gestoffeerde map, en ontbreekt in de presentatie, twee jaar later.
-->Monovich

De bijdrage van Frank Van den Eeckhout aan crox 17, Copy Art, chronologisch de derde op een totaal van zestien, heeft zes stills uit een stomme film met Garbo in de hoofdrol, twee aan twee en verticaal geordend. Eerst is er Garbo, dan iemand met een snorretje die haar op doordringende manier aankijkt, dan weer Garbo die op deze still een bijzonder gewaagde zij het voor die tijd wellicht gebruikelijke gelaatsuitdrukking vertoont, waarna een tekst volgt: "Don't judge me Leo... you left me all alone and Ulrich was so kind", dan opnieuw de man met het snorretje, die kennelijk nog niet op het punt is aanbeland dat hij de mededeling verwerken kan, en dan Garbo weer, zo op het eerste zicht nog niet helemaal bekomen van de dramatische wending.
Het op circa 50 exemplaren gefotokopieerde werk komt juni 1990 her en der in het Gentse straatbeeld terecht.

Bauwens, Ria Frips, crox 186. What about Croxhapox. Mail art call. 2006-2007.
Bauwens, Winnie crox 177. BEELD VAN DE BUURT. Periode: 5 tot 7 mei 2006. Project met videowerk van leerlingen Kunstencampus Ottogracht Gent.
BRAINBOX

Alle kunstenaars die, samenwerkend in groepen van 3, deelnemen aan
beide edities. Eerste editie: oktober tot december 2006. Tweede editie:
oktober 2008 tot begin juni 2009. Ze hebben de vrijheid om het project
volledig naar hun hand te zetten.
CCNOA Gastproductie. Periode: september 2008.
Decock, Grégory (FR) >GM Fondateur van het grensoverschrijdende en grensverleggende GM collectief.
Dheedene, Stefaan

crox 300. Periode: 25 april tot 27 mei 2009. Kunstenaars: Deborah
Delva, Dries Verstraete, Frederik Van Simaey, Niklaus Ruëgg (CH),
Stefaan Dheedene.
Dings, Maarten >RE:
GM crox
280. Periode: 18 oktober tot 9 november 2008. Kunstenaars: Grégory
Decock (FR), Guillaume Escallier (FR), Manor Grunewald, Nicolas Durand,
Philippe Cardoen, Pieter Bauters, Tim Onderbeke.
Naudts, Joachim >RE:
OPEN DEUREN
crox 51. Periode: twee weekends september oktober 1996. In praktijk
komt het er op neer dat alle deelnemende buurtbewoners zelf kunnen
beslissen wat het gaat worden. Het gaat om 94 locaties in de toenmalige
croxbuurt. Ze kunnen kiezen om het zelf in te vullen (twee opties: zelf
iets doen of zelf iemand uitnodigen) of het aan croxhapox uitbesteden.
Het gaat met derden: één derde van de buurtbewoners die deelnemen aan
het project vullen het zelf in, één derde nodigt zelf een kunstenaar
uit, één derde verzoekt croxhapox om dat te doen. Onbetwistbaar een
hoogtepunt in de historiek van collectief curatorschap.
RE: A
Group Show curated by RE: Gastproductie. Periode: september 2010.
Kunstenaars: Alexandra Leykauf (DE), Anouk Kruithof (NL), Claudia Weber
(DE), Dominique Somers, Edward Clydesdale Thomson (GB), Eva-Fiore
Kovacovsky (CH), Jimmy Robert (FR), Kathleen Vinck, Michèle Matyn, Sara
Deraedt, Saskia Noor van Imhoof (NL), Tania Theodorou (GR), Valérie
Mannaerts, W. Wolkman.
Thomsen, Svend (DK) crox 289. TVF art doc cinema. Periode: sinds januari 2009.
Vandevijvere, Bart crox
227. Franco Belge project. Periode: september 2007. Kunstenaars: Bart
Vandevijvere, Brahim Bachiri, DD Trans, Emmanuelle Flandre (FR), Luk
Berghe, Martin Singer (FR), Stéphane Benault (FR), Stéphane Cauchy (FR).
Van Dorpe, Stijn
crox 334. CHARACTERS MAKE STORIES. Periode: 1 tot 30 mei 2010.
Kunstenaars: Assaf Gruber, Fiona Mackay (GB), Robbrecht Desmet, Stijn
Van Dorpe, Wobbe Micha.
Van Herreweghe, Egon >RE:
Walczak, Larry
(US) crox 205. NEW AMERICAN STORY ART. Periode: 30 maart tot 22 april
2007. Kunstenaars: David Kramer, Edward Monovich, Jim Torok, Nate
Larson, William Powhida.

Op de kleefstrook voorin, linkerbovenhoek, is volgende berichtgeving:

Etabl. KOCKX & CO
Imprimerie-Papeterie
Canal des Récollets, 41, ANVERS
Téléph. 316.58 * * R.C.A. 208
FABRIQUE DE REGISTRES
FOURNITURES DE BUREAU
N°3239

Pour avoir un registre semblable il suffit d'en rappeler le numéro ci-dessus.

Je zou kunnen nagaan wie er het vaakst een notitie of een handtekening naliet.
De
opmerkingen zelf variëren van goedbedoeld en weinig zeggend
schouderklopje tot dronkemansgelal. Er is de alleen door een insider, of
wellicht alleen door de kunstenaar te begrijpen mysterieuze toespeling:
Blauw? (21 april 1990/ crox 3). Vele bladzijden verderop (oktober 1998,
crox 84) weet eindelijk iemand het antwoord: Rood! (Ismelda) en nog
later (tijdens crox 85) schrijft iemand: je zou er wel groen van worden!

Let op het uitroepteken: de tentoonstellingsbezoeker spreekt in
uitroeptekens, zijn taal is die van de bewondering, van het grote, van
het nog grotere gevoel.

Er is de melige opmerking, het grapje in
majeur van een grapjas in mineur, er is de billenkletser, de
bemoedigende opmerking, sporen van vaderlijke trots, van mama's die het
beste voor hebben met de artistieke telg; de uitnodiging is fantastisch
gelayout, schrijft iemand (juni 1998, crox 79/80). Er is de
liefdesverklaring, je t'aime, god wat is dat mooi zo'n
liefdesverklaring, Maria I love you/ Lucia I love you/ Sonia I love you.

Een maatje van Wouter & Luc Cox-Gobijn hield het
drankverbruik bij: 1 tequila 587,-/ 1 J&B 485,-/ 1 Four Roses 537,-/
1 Jack Daniels 693,-/ 1 Mezcal 675,-/ 1 melk 25,-/ 1 Saison Regal 59,-/
Een schouderklopje.

Index van wie het vaakst zijn/haar naam in
het gastenboek neerpende. 29 keer: Ruth Mentens, 17 keer: Dirk Peers, 14
keer: Michaël Borremans, 13 keer: Ignace De Vos, 11 keer: Dirk De Neef,
7 keer: Guido De Bruyn, Thomas Huyghe, 6 keer: Bart Baele, Johan Mels, 5
keer: Sjoerd Paridaen, Joris van Heirseele, Anna Dops.

Lijst van het aantal notities, per project, in het gastenboek.

Op
basis hiervan zou je het bezoekersaantal kunnen berekenen, maar dat
valt tegen. Zowel crox 70 als crox 110 bijvoorbeeld hadden ruim 800
bezoekers, en crox 51 had er veel meer, enkele duizenden., maar dat
blijkt niet uit het gastenboek.

De meest opvallende scores zijn
die van Edwin Carels en André Posman. Beide solo-projecten vonden in de
beginperiode plaats (maart-juni 1990). Het project van Kama en Herr
Seele (november 1990) scoorde niet eens een helft van dit aantal, maar
had wel dubbel zo veel bezoekers. Het hoogst genoteerde solo-project in
het gastenboek is dat van Bart Baele.

Van de lage scores is die
van het crox 94/95 project de meest frappante: amper 6 individuën
waagden zich aan een notitie in het gastenboek, terwijl het renommée van
croxhapox op dat moment in het zenith stond.

De score van de straatprojecten valt buiten de reikwijdte van het gastenboek.

top 10 /periode 1990-2008/

161
schilderkunst hedendaags belgisch (crox 70)
97
basics 1 (tekeningen, crox 110)
85
open deuren (crox 51)
brainbox (crox 188)
77
kindertekeningen (crox 25)
59
marc de clercq, frederik cornelis, anja hellebaut (crox 78)
57
bart baele (crox 84)
de boodschapper: philippe vandenberg & sylvain cosijns (crox 96)
50
herr seele (crox 22)
45
edwin carels (crox 3)
ward denys, jan de cock (crox 75/76)
johan de wilde, lucia penninckx, alda snopek (crox 178/180)

43
andré
posman (crox 6)
40
thomas huyghe, zjuul devens (crox 86/87)
39
sjoerd paridaen (crox 55)
karien vandekerkhove (crox 85)
38
hans segers (crox 29)
johan van roy (crox 50)
stijn van dorpe (crox 226)
37
wouter cox & luc gobijn (crox 12)
dirk peers (crox 23)
michaël borremans (crox 33)
35
marc coene (crox 123)
33
michaël borremans, marc maet (crox 92/93)
BASICS 2 (crox 145/2005)
31
dirk peers (homage, crox 120)
wouter decorte, marc coene (crox 200/crox 201)
30
hans van heirseele (crox 27)
marc coene (crox 99)
29
annick de zutter (crox 9)
kamagurka (crox 72)
anja hellebaut, samir boudia (crox 142/crox 143)
alan smith (crox 197)
alda snopek, leen persoons, lucie renneboog, oana cosug, steffie van cauter (crox 261>crox 265)
28
carianacarianne (crox 118)
karien vandekerkhove, caroline vincart, lou m.c. mulder, ria bauwens (crox 155/158)
27
luc dondeyne, heike kati barath (crox 90/91)
thomas böing (crox 191)
yannick franck/antoine van impe/marie zolamian/liesbeth de fossé (crox 215)
26
ruth mentens, dirk peers (crox 40)
griet musschoot (crox 63)
pieter degand, carole vanderlinden (crox 127/128)
alda snopek, els soetaert, maria degrève (crox 139/140)
25
dirk zoete, peter morrens (crox 211/crox 212)
adriaan verwée, christophe lezaire, pieter de clercq, david smithsn, julian moran, emmanuel depoorter (crox 232>crox 237)
chris vanbeveren, joop stoop, lysandre begijn, martine laquiere (crox 270>crox 273)
24
thomas broadbent (crox 43)
ignace de vos, dirk peers (crox 79/80)
23
hans van heirseele (crox 15)
antje dorn (crox 31)
juliane heise (crox 47)
evert defrancq, stefaan dheedene (crox 151/crox 152)
22
larry krone, johan de wilde (crox 97/98)
robin vermeersch, ante timmermans (crox 134/135)
philippe vandenberg (crox 229)
21
bijna 10 jaar cowboy henk (crox 10)
koen vanderhaegen (crox 35)
florin buta (crox 132)
20
dirk de neef (crox 26)
anton cotteleer, patricia thornley (crox 88/89)
19
daniël vandenbrande (crox 7)
patricia smith (crox 28)
hugo de smaele (crox 38)
dirk zoete (crox 60)
thomas boïng, bart vandevijvere (crox 73/74)
renate wolff (crox 122)
18
johan joos (crox 8)
zelfportretten (crox 16)
michiel van cauwelaert (crox 100)
ARMEE LEGER (crox 163)
michiel ceulers, nel aerts, johan van roy (crox 329>crox 331)
17
karel de meester (crox 58)
amy kephart (crox 68)
joris van der borght (crox 131)
adriaan verwée, tuur delodder (crox 147/crox 148)
thé van bergen, jos van meerssche, stef de brabander (crox 159/161)
16
herman baeten (crox 69)
jan willem verherbrugge (crox 113)
els vanden meersch, nicolas leus (crox 165/crox 166)
15
sjoerd paridaen (crox 13)
christ michiels (crox 14)
dianna frid (crox 77)
karin borghouts, yoshimasa matsumoto, jerry galle (crox 321>crox 323)
14
daniël libens (crox 11)
thomas hauser (crox 61)
sonia almeida, lucia saura, marta vera (crox 102)
jos van meerssche (crox 116)
13
suzan batu (crox 59)
dre devens (crox 64)
debra pearlman (crox 66)
weld (crox 194)
philippe vandenberg, karel wouters, kati barath/oliver schulze, rik soenen (crox 247>crox 250)
12
edwin carels (crox 24)
carianacarianne, debnra tolchinsky, dianna frid, sarah westphal, jamez dabramski dean (crox 182/185)
norma markley (crox 187)
11
maria blondeel (crox 57)
holger nickisch, hartwig schwarz (crox 82/83)
10
lucia penninckx (crox 101)
tinka pittoors, nicolas verhulst, helena danneels (crox 173/175)
9
hans van heirseele (crox 2)
gosbert adler (crox 53)
ludo engels (crox 71)
stu mead (crox 125)
the gentlemen's gentlemen (crox 255)
hans beckers /'t zwartetafeltjeconcert/
7
hugo de leener (crox 4)
de eerste 10 (crox 104)
frans gentils (crox 107)
6
peter van de kerckhove (crox 5)
tomo savic-gecan (crox 65)
wendy hirschberg, lieve d'hondt (crox 94/95)
beeld van de buurt (crox 177)
new american story art (crox 205)
5
stijn van dorpe (crox 153)
michel couturier, carole vanderlinden (crox 315/crox 316)
3
thomas karz (crox 137)
2
nan-ping chang (crox 149)
maud vande veire, annelies slabbynck, thomas broadbent (crox 168/170)
0
art machine (crox 1)

everything should write somone in the book

JPA recenseert crox 18 (En Passant), september 1991 - EN PASSANT: 25 UITSTALRAMEN IN DE GENTSE BINNENSTAD.

 

Croxhapox
is een niet commerciële vereniging voor kunstpromotie die aan
hedendaagse kunstenaars uit de meest diverse disciplines een plateau
buiten het gevestigde circuit aanbiedt. Een van haar doelstellingen is
de kunst een essentieel onderdeel te laten zijn van het dagelijks
bestaan. Op die manier werden bij een vorig project affiches in de stad
opgehangen.

Ook En Passant, een verzameling van
25 instalramen, doet geen beroep op sacrale cultuurtempels of dure
galerieën, maar gebruikt de straat als drempelloos toegankelijk museum.
In 25 uitstalramen van de Gentse binnenstad hebben evenveel kunstenaars
voor eigen werk gezorgd: het biedt de mogelijkheid, onderweg naar om het
even waar, en passant een hedendaags kunstwerk te bekijken. Dialoog,
engagement of knieval wordt daarbij voor de rekening van de toeschouwer
gelaten.

Tussen de produkties zijn enorme
verschillen. De kunstenaars hebben de vrije hand gekregen om vrij te
experimenteren. De tentoonstelling moet dus niet als één geheel worden
gezien, het is veeleer een ingewikkeld conglomeraat van tekensystemen
die elkaar aanvullen, tegenwerken of wederzijds beïnvloeden. Deze
veelheid van media, tekens en codes past perfect in het moderne
stadsbeeld dat eigenlijk een geheel is van assimilatie van tekens. Kunst
in de stad is zeker niet nieuw als project en de artistieke waarde van
deze tentoongestelde instalramen zijn sterk variërend.

Een
greep uit het heterogene aanbod: Renee Lodewijckx heeft in de
Bagattenstraat een leuke installatie gemaakt met een doodskist en een
video, Guy Bleus heeft in Onderbergen boeken in bomen gehangen. Johan
Van Geluwe kleedde het Poëziecentrum met een lauwerkrans vernuftig in.

Het
huis van Willem Buijs in het patershol is altijd het voorwerp van een
instalraam, maar voor de gelegenheid heeft hij er een initerarium
van gemaakt. Nora De Rudder toont in het Sluizeken een bizarre
compositie van duifvleugels en een beeld, Sjoerd Paridaen en Erik
Lagrain hebben in de Ottogracht mooi opsmukwerk verricht en Philippe
Flachet stelt in de Kammerstraat een constructie van lampen en emmers
voor.

 

erratum

Het huis in de
Hertogstraat is niet het huis van de in Middelburg wonende Willem Buijs
maar dat van Philippe Flachet die op een andere locatie ook zelf aan
het project meedoet.

 

 

 

 

 

 

2008. crox 282, Buried Alive. Video-presentatie. Laatste project in de video-room voor TVF art doc cinema er permanent onderdak vindt.
Toasting To The World Food Crisis With A Bottle Of Dom Perignon, performance. -->Dom Perignon

2010. crox 335, Remember To Forget The Congo. Performance. voyageaucongo.blogspot.com en livestream video. Performance van zaterdag 1 tot woensdag 5 mei. Presentatie van wat het werd van 6 tot 30 mei. Geczy ging er aanvankelijk van uit dat hij de complete tekst van Voyage au Congo van André Gide op de muur zou aanbrengen. Het plan was: muren zwart schilderen tot 2m50 hoog. Alle muren in de zaal achterin; de schuifdeur valt buiten het parcours. Om geen tijd te verliezen - Geczy arriveert in Brussel op vrijdag, de performance start op zaterdag - is afgesproken dat wij de muur klaarzetten. Geczy heeft alles keurig voorbereid. Elk element van de performance is weloverwogen, er is geen spijker teveel, geen spijker te weinig. De performance begint tijdens de openingsavond. Daarna gaat Geczy er vier dagen aan een stuk tegenaan, telkens van twee tot zes, vier dagen aan een stuk, onafgebroken. Slechts heel af en toe neemt hij een korte pauze. Na één dag wordt duidelijk dat hij er nooit in zal slagen om de volledige tekst te doen tenzij hij er een maand mee bezig blijft. Dat kan niet. Tegen het eind van de week wordt hij weer in Sydney verwacht.
Enkele maanden na de performance publiceert The Monthly, toonaangevend magazine down under,(1) een artikel over het project, twee volle bladzijden aangedikt met wat beeldmateriaal. De auteur van het artikel is Adam Geczy. In het artikel gaat Geczy ook uitgebreid in op de Toasting To The World Food Crisis performance uit 2008, het andere project dat hij speciaal voor Croxhapox uitgewerkt had.

REMEMBER TO FORGET THE CONGO Adam Geczy

For almost a decade I had cherIshed the idea of doing a show about the Congo in Belgium. This was not out of some specific personal interest or social calling, only the Belgian Congo seems to be the quintessence of imperialist hell. I write in the present tense because although Belgium has ceased its claim over its former colony, the effects of its rule continue to ravage the country in the most imponderably violent fashion. This is so for most formerly imperialised nations, but especially for those in Africa. The site of Conrad’s Heart of Darkness, since it became a personal acquisition of Leopold II of Belgium in 1885, Congo’s fortunes have been but differing degrees of horror.
Leopold never set foot in the country because he believed that the impenetrability of the terrain was on par with the backwardness and brutality of its people. Yet at brutality was what he excelled. He established a particularly effective form of coercion of the local population to obtain the rubber useful for machinery, and which increased in demand through the growing popularity of motor vehicles (Karl Benz patented his Motorwagen also in 1885). Grotesquely, under the false auspices of humanitarian objectives, men were extracted from their families and warned that without committing a period of service they would never see them again. Predictably not many did; subordination was met with mutilation, hand amputation being a speciality. Succumbing to the outcry of other European countries, in 1908 the colony was ceded to the Belgian state. Meanwhile the Congolese population had almost halved and Leopold had grown fabulously rich. Rubber plantations remain, but it is in minerals where the economy excels. The Congo is the world’s largest producer of cobalt ore, has copper and diamonds in plenty, and is a major source of coltan, a metallic ore essential for electronic devices. The regions producing these materials are regularly in dispute, effectively leaving the Congo in a constant state of civil war.
It is surprising how few people know about Andre? Gide’s Voyage au Congo let alone have read it. Surprising because at the time of its publication in 1927, it ignited controversy about the conditions of French and Belgian imperialism in Africa and lent major weight to the anti- colonialism movement. Having studied French literature myself, I was intrigued by the hole in such rudimentary knowledge when I stumbled upon it. This may have been a matter of my own stupidity, but from the point of view of the germination of the artwork, I took my own ignorance and that of others not as an oversight, but instead as a symbol of a conservative repression, a kind of negative osmosis. There are events and eras of such magnitude that, it is said, they ought never be forgotten. Yet to keep them within the light of the present takes some effort. To relinquish that effort also exposes the conservatism of lassitude, let alone the negative will that resides in an amnesia that asks to remain unchecked.
My previous exhibition in late 2008 at the experimental art space in Ghent, Croxhapox, was accompanied by the performance, Toasting the world food crisis with a bottle of Dom Perignon. It was a piece whose idea came from those rare occasions when, on savouring an expensive meal or wine, one momentarily feels a pang of shame when the mind strays to consider the logical force of such extravagance in terms of our normal weekly expenses. But if we then transplant these scruples into the realm of demography, it is as if when eating a steak, the suppressed shame of the routine terrors of the slaughterhouse must now also extend to the plight of underprivileged humanity. When we indulge in an expensive wine we could be feeding a village. Bon sante?.
Over several months I amassed mostly arbitrary statistics of the cost of food and labour in various African countries relative to a sip of Dom Perignon, the luxury drink par excellence. Based on an average price of US$200, one sip equates to around $8, and its translation into the activities of the 'developing' (developing into what?) world is crushing. During the performance I sat below a screen and slowly consumed the bottle, my face painted a pale blue for defamiliarisation. A litany of statements divided into short phrases pulsed away in an almost inexorable rhythm: ‘In Guinea-Bissau, the average annual gross income is $200, which is the average price of a bottle of Dom Perignon’, or ‘In Bangladesh well over half the population live on less than a dollar a day. That is, about 12% of a single sip’. By the second draught of wine I felt disgusted, which suggested that the performance was working its negative magic over me, and possibly over those watching it. Unusually, the audience stood largely rooted to the spot, entranced and appalled by the spectacle.
In proposing Remember to Forget the Congo the connection between the two works was only, oddly enough, made in retrospect. And as I suggested previously, there was nothing personal or ideological about this looming African obsession except to see it as a case of international embarrassment. I was to inhabit a room blackened to the height of two metres (a comfortable high arm’s reach) for five hours over five days and write out Gide’s account (Voyage au Congo) until the room became progressively whiter and almost returned to its former state. By physically remembering the book I would simultaneously be consigning it back into oblivion, making me the voice of revival while at the same time complicit in its forgetting.
Blue drop-sheets were affixed to the floor around the painted parts of wall, enframing the room via the floor. In the centre, a single sheet made an island on which were the apparatus of the performance: a table and chair painted the same black as the wall, a box of latex gloves, ten new black brushes, two for each day, and of course the book. One of the items of black clothing, folded diligently on the chair, and the old sneakers underneath had special references. Both were Nike brands (think sweatshops) but fakes, the sneakers bought in Bangkok twenty years ago, and the track pants in Beijing during the live art festival there in 2006. As it turned out the work was cleaner than I had expected and the gloves may not have been necessary. Once again, only later did I consider them an appropriate allusion to the rubber for which millions of Congolese perished.
By the end of the first day of the performance I had barely managed to cover the top half of the room, and only a handful of pages. The second day was spent largely bending up and down and see-sawing on my haunches, the writing progressively gaining in size with the extent of my discomfort. By the middle of the day, I began to feel like the prisoner of my own devising, doing unsolicited, voluntary penance for the wickedness about which I had no first-hand knowledge. I had begun to get accustomed to the tolling of the church bell every half-hour. At the day’s close I only managed to cover the walls but not pass onto the next layer, although my physical demolition was all but complete. The floor was as cold as Gide’s Congo was hot.
There are only stray notes of triumph in Gide’s account. When he arrives in Dakar at the start of his journey he finds it dull and coarse, the sounds from street prevent him from sleeping. He is conscious of his status as the Western intruder, cloyed by the colours, immobilised by the heat and buffeted by the chaos. All of this is stitched together
with beautiful prose. He is enraptured by the wildlife, the terrain, the sunsets. At times I just write mechanically taking little heed of what is being said; at other times the meditative blankness is interrupted when I stop to read a passage over again and muse briefly over it. These repetitive actions make for slow reading. A recurrent motif appears to be the butterflies that surprise him with their brilliant colours. Butterflies live for only a day. Perhaps then they are the ultimate embodiments of the condition of beauty.
On the third day I gained pace. The writing became larger, thicker and freer. I began to use more paint, make more mess, and cover more ground. Like a prisoner grown habituated to a cell, even to associate it with relative comfort, I became more sanguine and confident with the mechanical movements of transcribing a foreign language about a man I never knew, transplanted to a foreign place. Using the lines of the second layer he could make out, the director of the gallery, Hans van Heirseele (‘van’), composed a poem of the words around me as I wrote at one point:

where all the mixed sounds sleep
deeply
on the lower plains
beyond where some waves below waving
in their monotony
delighting to think that
a same colour
among the blacks
whose huts are scarcely distinguishable
are the same colour.

The last day was the least arduous. I clocked out at 2:20pm after completing a third layer. Except for a few glimpses of black, which gave the walls a silvery sheen, the wall was almost wholly white. It had transformed into a dense palimpsest-residue of words, a beautiful skein, holding a certain menace. As I did at the close of every day, I carefully folded and arranged the black clothing, now dirty and specked with white, on the chair. With the table also a bit spattered, the layout looked part museum piece, part remote remnant of a Stasi interrogation bureau. The latex gloves now formed an amorphous pile. Because I hadn’t performed in the second half of the day, one clean, untouched paintbrush lay alone on the table, the rest in the empty paint pot, caked in dried or drying paint. The book lay splayed face-down at the page at which I ended: 54. I made sure all was in its proper place. Mournful like a prisoner reluctant to leave his cell, my eye alighted upon the name that the paint company called this shade of white. Like some complaisant voice, or maybe a sign of silent revenge, it read: ‘Marrakesh white.’
Dr Adam Geczy teaches Sculpture, Performance and Installation at Sydney College of the Arts. Remember to Forget the Congo was conducted at Croxhapox Gallery in Ghent, Belgium, 1 to 5 May, remaining as an installation until 30 May. The performance and installation are documented in detail at www.voyageaucongo.blogspot.com. Of the performance’s live audience, Geczy comments that ‘it was interesting how the performance created a ‘no-go’ zone in which people felt inhibited to step in past a certain point while I was there. This for me was a salutary indication of what was working well since most good performances generate a charged space around the action.’ Australian Monthly, July 2010.

(1) The Monthly, Australian politics, society & culture, 'one of Australia's boldest voices, home to the finest writers, journalists and critics'. Zo staat het op de site van The Monthly. www.themonthly.com.au

Een waterpas. Het handvat van een haspel. Een lijvige plastiekzak die de plusminus 100 mailarts van Collectie 1 bevat.
Komt niet voor in de reeks Twelve Releases van Dianna Frid (crox 184, 2006).
Carousel Dia-Magazin Typ 2; de kartonnen doos die voor de lader bedoeld is, heeft een donker cadmiumgeel.

crox 145-I - BASICS 2. Juni-juli 2005.
crox 145-II - BASICS 2, sequel. April-mei 2006, Abdij Maagdendale, Oudenaarde.

 

 

 

Hoewel het er in de Aannemersstraat tijdens de openingsavonden vaak luidruchtig aan toe gaat, valt er hooguit 1 klacht te noteren, in 1999, tijdens de vernissage met solo projecten van Marc Maet en Michaël Borremans, als Merlyn en Adriaan (die avond in topvorm) tot een gat in de nacht blijven doorspelen.

In de Lucas Munichstraat wordt het gauw een problematisch gegeven: de croxruimte is midden een woonbuurt met gevoelige oortjes. Van 2004 tot 2007 zorgen onder andere The Singing Painters, Final Detail en James Berlin voor concerten die ronduit als hinderlijk ervaren worden. James Berlin is een van de groepjes die aantreedt tijdens de modeshow van Pony Attack (2007). Vanaf herfst 2007 wordt het roer omgegooid en kunnen alleen nog groepen die zich aan een aanvaardbaar decibelniveau houden. Dat lukt lang niet altijd maar net zo vaak lukt het wel.
In 2011 bijvoorbeeld, heeft Talibam! de crox venue ontdekt. De jongens van Smeraldina-Rima hadden al eerder met hen samengewerkt. Talibam! is een briljant New-Yorks duo met een explosieve sound waarbij later, tijdens het concert in Netwerk Aalst, vooral de splijtende drumact van Kevin Shea opvalt. Ik had wat dingen op youtube aangeklikt, vond het van begin tot eind verrukkelijke herrie en besloot Matt en Kevin duidelijk te maken, met pijn in het hart, dat croxhapox geen plek was waar ze dat soort dingen zouden kunnen doen:

'People who are familiar with your sound nevertheless stated that Talibam! would be far too noisy for our hide-out. I mean if I say far too noisy, and you say yes but we could easily do a less noisy set, then what you mean with less noisy is still far too noisy. It always works like that. I have a band myself, The Singing Painters. Without being heavy metal, it's rather
freejazzlike sound, we are still twice as noisy as Talibam! A year and a bit ago we decided to do a crox concert. We would do it layback and soft. It didn't work. We were far too noisy. Musicians don't think the way us of crox think. We consider neighbors, we consider not to bother them all too much, we consider that one noisy concert too many always could be the last one. There's been quite some fascinating music places here downtown Gent that had to close because of neighbor protest.'

Matt en Kevin echter beten zich vast in het idee dat ze het voor de verandering ook wel eens wat zachter zouden kunnen doen. In Wallstreet namelijk hadden ze net een residentie achter de kiezen waarbij ze aan een cabareteske act hadden gewerkt. Ze hadden 't nog maar één keer uitgevoerd, in die New Yorkse venue. Ze maakten zich sterk dat helemaal niemand in de buurt zou door hebben dat we catastrofale herrie geprogrammeerd hadden. En hielden woord. Het concert ging in de Thomsenruimte, die niet eens ontruimd hoefde te worden, en ze vonden het zelf, zei Matthew, toen ik hem een week later in Netwerk weer tegen het lijf liep, eigenlijk hun interessantste concert. Een kameropera, had Van Ryssen gezegd, want dat was wat het is. Dat had hen eerst verbaasd. Het idee om het inderdaad als kameropera uit te gaan werken, leken ze in elk geval interessant te vinden. En zo had het permanente euvel met geluidshinder ook eindelijk eens op inhoudelijk niveau betekenis gehad.

Recensies van Dirk Pültau over Daniël Libens (1990), Sjoerd Paridaen (1991), En Passant (1991), Edwin Carels en het heropstarten van de activiteiten op locatie Aannemersstraat 54 (1995) en Hans van Heirseele (1995).
In 1996 twee bijdragen van Veerle Vogelaere, eentje net voor, eentje net na Open Deuren. Intussen voeren ze bij De Gentenaar een andere koers, actuele kunst verdwijnt uit het dagverschijnsel.
In 2006 een tweebladzijdenartikel over Beeld van de Buurt, een door Winnie Bauwens gecoördineerd project met werk van leerlingen van kunstencampus Ottogracht. Ook de diefstal van het geldkoffertje, eind januari 2008, haalt de annalen.

Renate Wolff (D), crox 122, juni 2004. Muurschildering in rood, roze en groenig geel.

 

De titel van de Genter TRaum tentoonstelling houdt verband met de installatie Genter Raum van Imi Knoebel uit 1980, voor het eerst getoond in het Museum van Hedendaagse Kunst in Gent. ( ) de twee kapitalen (TRaum) verwijzen naar ruimte (=Raum) en de achterliggende betekenis.

(Renate Wolff, correspondentie)

Het eerste project in de Lucas Munichstraat is een solo van Frans Gentils (crox 107, oktober 2003).

Frans Gentils neemt ook deel aan BASICS 1 (crox 110, nov-dec 2003) met twee studies van een scheepswerf.

In 1999 hadden FG en Peter Beyls een voorstel waar niets van kwam. Later doet zich eenzelfde scenario voor. FG heeft een project in de Sint-Pietersabdij en nodigt Hans uit om een werk voor piano te schrijven. Les Aventures d'une Fille Wallone, bedoeld om tijdens de openingsplechtigheid uitgevoerd te worden, het is een werk voor piano, wordt niet uitgevoerd. Er is blijkbaar geen geld om de pianiste te betalen.

[origineel van dit lemma grotendeels in het Engels, vertaling volgt op de Engelse tekst]

 

zie Getnick
zie Kidder

crox-boek Nr 9 (2008)

bladzijde 8 Personages:

JANITOR ---> Frank Merkx
ACTRESS ---> Marianne Vogt (DE)
ACTOR/WILD BOAR ---> Robbert Goyvaerts
REHEARSED AUDIENCE
CHANDELIER ---> video-presentatie, een van de Amerikaanse acteurs
POTTED PALM ---> video-presentatie, een van de Amerikaanse acteurs

Instruments:

Accordion
Toy Piano
Trumpet
Ukulele
Viola

fragment, ACT 1 (Earlier that Spring.), bladzijde 13

ACTRESS: Perhaps he has fallen into the canal!
Been run down by a horse cart?
No! Surely he will arrive soon!
We were supposed to go truffle hunting,
A pastime so loved in this little village.
My own mother favored truffles with turnips.
A sensational winter stew!
(Sadly) Savored only in my memory.

one more sweet little fragment, dit keer ACT II, page 37

CHANDELIER: The word is of course NOT
Mayonnaise.
The word is "Meritorius."(1)
A seldom heard word these days.
Evocative of earlier days,
When we had ideas.
As a people,
We could look at an audience
In those days
And say them,
Yes, those people know what an idea is...
Meritorious,
This word is annunciated
And nothing more is said about it
Because next is a staccato stammer
Of incomprehensible wor---

/Video ends./

(1) If something is meritorious, it deserves great praise: Six employees were given awards for meritorious service. (Cambridge International Dictionary of English, Guides you to the meaning, p.889) Something that is meritorious has qualities which make it good or worthwile; a formal word. EG ...a lifetime of meritorious service. (Collins Cobuild 1991, p. 908)

Vertaling:

 

LOODGIETER ---> Frank Merkx
ACTRICE ---> Marianne Vogt (DE)
ACTEUR/EVERZWIJN ---> Robbert Goyvaerts
GEOEFEND PUBLIEK
KANDELAAR ---> video-presentatie, een van de Amerikaanse acteurs
POTPALM ---> video-presentatie, een van de Amerikaanse acteurs

Instrumenten:

Accordeon
Speelgoedpiano
Trompet
Ukulele
Altviool

fragment, Bedrijf 1 (Tijdens de lente, vroeger.), bladzijde 13

ACTRICE: Misschienn is hij in het kanaal gevallen!
Overreden door een paard en kar?
Nee! hij zal toch wel spoedig aankomen!
We zouden truffels gaan zoeken,
Een veel geliefd tijdverdrijf in dit dorpje.
Mijn moeder had liefst truffels met rapen.
Een smakelijk winterpotje!
(Droef) Alleen maar smakelijk in mijn herinnering.

nog een lief klein fragmentje, dit keer Bedrijf II, pagina 37

KANDELAAR: Natuurlijk is het woord NIET Mayonnaise.
Het woord is "Meritorius."(1)
Een zelden gehoord woord heden ten dage.
Het roept vroeger tijden op,
Toen we ideeën hadden.
Als gewone mensen
konden we naar een publiek kijken 
Toendertijd
En zeggen,
Ja, die mensen weten wat een idee is
Meritorious,
Dit woord is uitgesproken

En er is niets meer over te zeggen
Omdat daarna een staccato gestotter volgt
van onverstaanbare woor--- 


/Einde video./

(1) Wanneer iets 'meritorious' is, verdient het eer.  'Verdienstelijk' is de logische vertaling, maar dat heeft geen klankverwantschap met 'mayonnaise'. Vertaler kiest ervoor om dan toch maar 'meritorious' te behouden. 

1996. crox 51, Open Deuren. Een kunstenaar uit Lyon. Tijdens het project wandelde hij in de croxbuurt met een galerieruimte die wat van een rugzak had. Later ben ik hem nog eenmaal op het spoor gekomen. Lui die ik in Amsterdam ontmoette, bleken Galerie Gerald te kennen.
Galerie Gerald intikken op Google levert obscure zoekresultaten.

The Gentlemen's Gentlemen, een theaterproject. Concept, planning,
tekst, uitvoering en regie: Brian Getnick en Noe Kidder. Brian had ik
een tijd later in m'n inbox gehad. Dianna Frid had hem over croxhapox
verteld. Hij was in Rome, dat moet zomer of najaar 2006 geweest zijn, en
hij had best zin om in Gent en Croxhapox langs te komen. Het liep
minder vlot. Ik antwoordde niet meteen op de mail van Brian en hij was
al weer in Amerika toen ik het doorhad. Korte tijd later is er toch een
project in de maak, hoe dat er van kwam zou ik me niet weten te
herinneren, een theaterprodctie waaraan hij werkte samen met de New
Yorkse kunstenares Noe Kidder. Brian woonde toen in Chicago. Na wat heen
en weer geschrijf kwamen we er op uit dat The Gentlemen's Gentlemen in
2007 kort aan het crox-publiek voorgesteld kon worden, dat preambulo
hoefde niet veel om het lijf te hebben, het ging om een introductie, en
dat we van de theatertekst een boekproject zouden maken. Dat werd
crox-boek Nr 9, The Gentlemen's Gentlemen (2008), een in het Engels
uitgegeven tekst die alleen al om die reden in hoofdzaak voor de
Amerikaanse markt bedoeld leek. Ik kan me niet herinneren dat we er in
croxhapox ooit één exemplaar van verkochten.
Eind april 2007 streken
Brian en Noe een eerste keer in croxhapox neer. Het project, The
Gentlemen's Gentlemen, was op dat moment niet veel meer dan een tekst,
een tekst die, vermoed ik, op dat moment niet eens geschreven was, of
waar ze aan bezig waren. In de corridor deden ze een presentatie van wat
ze bedoelden. Ongeveer rond die tijd schrijven Frank & Robbert zich
in voor MMV KASK. Ze worden er cum laude aanvaard, op basis van een
filmpje dat ze gemaakt hadden. Begin 2008 komt het project van Brian en
Noe in een stroomversnelling. Even voordien hebben ze opnames gemaakt in
New York, met New Yorkse acteurs. De tekst is afgerond, we krijgen een
kopie doorgestuurd, het ziet er best lekker uit. De New Yorkse acteurs
kunnen niet met z'n allen naar Europa komen, dat dreigt te duur te
worden. Brian en Noe wisten dat dat niet kon. Ze filmen de acties in New
York, elk personage apart. Op zoek naar acteurs in België komen ze uit
op een dame die in Brugge een bed & breakfast runt. Krek op
hetzelfde moment zorgt Van den Eeckhout voor een blast, Brian en Noe
komen zonder residentie te zitten. Had hij niet ingecalculeerd omdat dat
met zijn scenario niet aan de orde was. Het alternatieve scenario is
een residentie vlakbij de plek waar Marc en Frips wonen.
Zandverstuiving.
Frank en Robbert treden aan als hoofdrolspelers.
The Gentlemen's Gentlemen is een succes, een van de meest flamboyante
projecten in de geschiedenis van croxhapox.

Kort na het project verhuist Getnick van Chicago naar Los Angeles.

GG

--> Galerie Gerald
--> Maria Blondeel
--> Gregoire Legrand --> GM

 

Blondeel, Maria. Instalraam 1 (crox 30, oktober 1995, locatie: Onderstraat 51).

 

GG(Onder),
schermtest II met klankinstallatie. Diagram met Blauwdrukken en LDR's.
GG(Onder) is een diagram uit het project G waarin schaduwbeelden van de
ene ruimte overgebracht worden naar de andere ruimte. GG(Onder) bestaat
uit 114 Blauwdrukken gemaakt in Gent. De Blauwdrukken worden in de
tentoonstellingsruimte, een winkeletalage, hergemonteerd. De gebruikte
oppervlakte wordt onderverdeeld in zones waarin Blauwdrukken en LDR's de
'lichtinformatie' transformeren. De Blauwdrukken verkleuren, de LDR's
sturen een klankgenerator die de lichtintensiteit omzet inhoge en lage
tonen. (tekst: Maria Blondeel)

 

1996, Open Deuren. Locatie 57, Wolterslaan 119. -->De Clercq

Remember To Forget The Congo (crox 335), het tweede crox-project van
de Australische kunstenaar Adam Geczy. Het is de bedoeling van Geczy om
de volledige tekst van Voyage au Congo van André Gide op de zwart
geschilderde muren aan te brengen.

crox-box zaterdag 1 mei 2010

online Adam is er net aan begonnen, aan zijn versie van het boek. Marc heeft de livestream geactiveerd. Het project is online. Chapitre premier : Les escales - Brazzaville. 21 juillet - troisième jour de traversée.
Uit dezelfde notitie valt op te maken dat Geczy die dag strandt op bladzijde 25.

dinsdag 4 mei 2010

Tien voor twaalf. Achterin de corridor staat Adam over het scherm van de
laptop gebogen. Marc, die er intussen al weer vandoor is, heeft een en
ander voorbereid. Na het omkleden /zwarte shirt, zwarte pantalon, witte
Nike schoenen en een paar plastic handschoenen/ opent Adam een verse pot
witte verf. Het ritueel begint waar het gisteren om kwart voor vijf
onderbroken werd, bovenaan bladzijde 44: 'la nuit tombe, nous jetons
l'ancre au milieu du fleuve pour repartir aux premières lueurs. Hier,
l'escale à Loukoléla'. In de hall is het geronk van de blackstraler en
het geluid van de slabben die van tijd tot tijd over elkaar heen
wrijven. De schriftuur van Adam is groter geworden. Gisteren waren de
woorden al twee keer zo hoog en dik als de dag voordien, vandaag nog
eens zo hoog. Ik meet het op: 10 centimeter. De schriftuur is bovendien
ook een stuk vloeiender dan tijdens de eerste dagen van de performance
terwijl de derde laag er tegelijk voor zorgt dat de tekst van Gide
onleesbaar wordt. L'inlisible.

Van laag twee rest hier en daar een fragment dat nog net te ontcijferen is:

où tous les tons mêlées dorment
profondement
sur les terres basses
au loin quelques flots très bas flottant
dans sa monotonie
réjouissant de penser qu'
une même couleur
parmi les noirs
dont les huttes se distinguent à peine
sont d'une même couleur

Half past three. 'I start to get dizzy,' Adam says.

Page 51 : ils
s'aventurent dans le pantalon. Rudy zit in de hall en bladert door over
vorm. Af en toe is het dak zo helder dat je op het scherm geen steek
kan zien. Adam zei dat een collega had gezegd dat hij tijdens de tweede
helft van de performance een witte shirt en een witte broek aantrekken
moest. Ze zei dat ze dat beter vond. Weet je, zeg ik, je kan zien dat er
zinnen zijn die je twee keer leest, iets wat je aandacht heeft, waar je
tijd voor neemt om het nog eens te lezen, en andere zinnen waar je zo
over heen leest. Yes, that's right, zegt hij.
Na ils s'aventurent dans le pantalon hield hij het voor bekeken.
ils s'aventurent dans le pantalon Muggen die via de broekspijpen van Gide hogerop willen.

nvdr
Adam Geczy vertaalt het op de restjes van Voyage au Congo gebaseerde
'où tous les tons mêlées dorment' naar het Engels, een vertaling die nog
datzelfde jaar in de Australian Monthly gepubliceerd wordt, in een
uitgebreide, door Adam Geczy geschreven tekst over het crox-project.

'It is surprising how few people know about André Gide’s Voyage au Congo let alone have read it. Surprising
because at the time of its publication in 1927, it ignited controversy about the conditions of French and Belgian
imperialism in Africa and lent major weight to the anti-colonialism movement. Having studied French literature
myself, I was intrigued by the hole in such rudimentary knowledge when I stumbled upon it. This may have been a
matter of my own stupidity, but from the point of view of the germination of the artwork, I took my own ignorance and
that of others not as an oversight, but instead as a symbol of a conservative repression, a kind of negative osmosis.'
(...)
'There are only stray notes of triumph in Gide’s account. When he arrives in Dakar at the start of his journey
he finds it dull and coarse, the sounds from street prevent him from sleeping. He is conscious of his status as the
Western intruder, cloyed by the colours, immobilised by the heat and buffeted by the chaos. All of this is stitched together with beautiful prose. He is enraptured by the wildlife, the terrain, the sunsets. At times I just write mechanically taking
little heed of what is being said; at other times the meditative blankness is interrupted when I stop to read a passage over
again and muse briefly over it. These repetitive actions make for slow reading. A recurrent motif appears to be the
butterflies that surprise him with their brilliant colours. Butterflies live for only a day. Perhaps then they are the
ultimate embodiments of the condition of beauty.'
Fragment uit Remember To The Congo; The Monthly, July 2010 -->Geczy

2007. crox 186, 'What about Croxhapox', een mail art call, opgestart
in 2006 en in croxhapox gepresenteerd eind 2007 in die ruimte die
intussen als Thomsenruimte bekend staat.

crox 51, Open Deuren, locatie 42: een werk van Odette Pannecoucke, die zich hiervoor liet inspireren door Pour faire le portrait d'un oiseau van Jacques Prévert.

1991, En Passant 25 instalramen. Locatie 20: Serpentstraat 26. In de catalogus beschikt elke kunstenaar over twee bladzijden, een met een foto van de presentatie, de rechterbladzijde, en een met een vrije bijdrage aan de catalogus, om het zo te noemen.
De vrije bijdrage van Rein Willem Gloudemans, als ik het goed op dat moment net afgestudeerd aan 3D KASK - wat later Multimediale Vormgeving werd, is de afbeelding van een doodsprentje:

IL MAGO DELL'ANDALUSIA
TUTTI LO IMITANO, NESSUNO LO SUPERA
(vrij vertaald: werd door iedereen geïmiteerd, niemand overtrof hem)
Riceve ad AGRIGENTO
il MARTEDI dalle ore 9 alle 13 e dalle 16 alle 19
VIA CICERONE, 49 (difronte Posta Centrale)
Riceve a CALTANISSETTA
il MERCOLEDI dalle ore 9 alle 13 e dalle 16 alle 19
VIA BORREMANS, 179 - Palazzo La Placa
(accanto distributore AGIP)
Per appuntam, tel. tutti i giorni al (0934) 26889
Onder het fotogram van de overledene staat:
ALFIO LEONE
ESORCISTA
ASTROLOGO CARISMATICO
Bij nader toezien had het, afgaand op het fotogram, net zo goed een handelsreiziger, een filmacteur of een bankbediende kunnen zijn.

GM

Een kunstenaarscollectief. Chef fondateur van het collectief is de Franse kunstenaar Grégory Decock. De Gentse kunstenaar Pieter Bauters ligt mee aan de basis van het collectief. GM is afgeleid van Gent en Marseille. Ze hadden elkaar in Marseille ontmoet. GM staat ook voor J'aime.
Er zijn weinig gegevens over het prille begin van GM. Van bij het begin maken drie Gentse kunstenaars deel uit van het collectief: Pieter Bauters, Tim Onderbeke en Manor Grunewald. In 2006 volgt Laura van, in 2009 de Luikse kunstenaar Yannick Franck, die op dat moment sinds enige tijd in Gent woont. Er zijn geen gegevens over de reikwijdte van het collectief. Naast Franse en Belgische kunstenaars heeft het ook leden uit Italië, Spanje, Portugal en Zwitserland.
In 2008 is er een eerste presentatie in croxhapox, crox 280, met werk van Guillaume Escallier, Nicolas Durand, Tim Onderbeke, Pieter Bauters, Manor Grunewald, Philippe Cardoen en Grégory Decock.

crox 12 - Frog World Championship (1991).

Neemt deel aan de eerste editie van het Copy Art project (crox 17 - 1991). Hij levert de tweede bijdrage die eind mei 1991 in het Gentse straatbeeld verspreid wordt.

Neemt ook deel aan En Passant (crox 18 - 1991) op een locatie in de Veldstraat, met een in hout gewrochte en dinosaurische fallus.

crox 46, een instalraam (mei 1996). Locatie is Onderstraat 51, intussen Pink Flamingo's. Het gaat om het tweede luik van een werk dat de crash van Ayrton Senna da Silva als uitgangspunt heeft.

 

 

 

 

1991, En Passant 25 instalramen (crox 18). Locatie 13: Oudburg 7. Op die locatie was toen een kledingzaak.
Op de linkerbladzijde, in de catalogus, is een beeld met onder- en bovenlaag. De onderlaag is een bijzonder grijze foto, misschien van een werk van Gombeer, dat is niet helemaal duidelijk. De bovenlaag heeft bovenaan een logo - het silhouet van een zeepaardje in lauwerkransen, onderaan een set van 14 logogrammen, en tussen beide in, strakzwart, een citaat van Bertolt Brecht, toen hij begin jaren veertig om een of andere reden in Finland verbleef:

Geehrtes Publikum, der Kampf ist hart
Doch lichtet sich bereits gegenwart.
Nur ist nicht übern Berg, wer noch nicht lacht
Drum haben wir ein komisches Spiel gemacht.

De presentatie van Wim Gombeer is enkele maanden voor het Vlaamsnationalistische legioen in november een eerste verkiezeingsoverwinning maakt, wat het uitgangspunt wordt van crox 19.

1991, En Passant 25 instalramen. Locatie 23: Onderstraat 26. Een van de kunstenaars, in totaal 11, die door Frank Hendrickx van Il Ventuno aangebracht worden. De locatie waar Willo Gonnissen een in situ presentatie realiseert, wordt enkele jaren later - met een onderbreking van 1997 tot 2002, een vaste externe locatie.

>Robbert & Frank

1995. Michaël Borremans wint de Provinciale Oost-Vlaanderen met grafisch werk. Het eerste solo project, enkele maanden later, is een presentatie van tekeningen, wat aansluit op het werk waarmee hij de Provinciale Prijs won met dat verschil dat alles gereduceerd is tot de essentie van wat het is, en één schilderij. Op het schilderij is een hand te zien, meer niet. Het wordt een van de belangrijke thema's in het werk van Michaël Borremans.
1997. crox 69, Herman Baeten. Linosnedes.
2010. crox-boek Nr 15, Oratio Subito - Sonare Motus, Hans Beckers. Coproductie croxhapox-KASK. Audiogravures.
2011. Joris De Rijcke. Gravures, tekeningen, foto's. Residentie.