encyclopedie

This encyclopedia offers a splendid and wildly recommendable insight in the world of Croxhapox, combining trivial pursuit and serious matter. The entries have been mostly written in Dutch but quite a few have been translated. If you want the Dutch original, change your choice of language and go to the 'encyclopedie'.

A | B | C | D | E | F | G | H | I | J | K | L | M | N | O | P | Q | R | S | T | U | V | W | X | Y | Z

bestuursleden
Van juni 1990 tot 26 december 2003: Hans van Heirseele, Guido De Bruyn en Frank Van den Eeckhout.
Van 26 december 2003 tot begin 2006: Hans van Heirseele, Sjoerd Paridaen en Dirk D'Hoe. Begin 2006 wordt DD geschrapt als lid van de vereniging en komen er nieuwe bestuursverkiezingen. Frank Van den Eeckhout treedt opnieuw toe tot het bestuur. Naast Frank worden ook Michaël Borremans, Joris Van der Borght, Pierre de Gelder en Astrid David tot bestuurslid verkozen. Hans van Heirseele - vanaf dat moment aan de slag als werknemer van Croxhapox VZW - stapt uit het bestuur. Eind april 2006 houdt Pierre het voor bekeken. Wat later verkiest de Algemene Ledenvergadering Johan De Wilde tot bestuurslid. Hij treedt aan als secretaris.
Eind augustus 2007: Joris Van der Borght houdt het voor bekeken en stapt op uit het bestuur. Tijdens de Algemene Ledenvergadering die daar op volgt treden Marc Coene, Ilknur Cegniz en Marc De Clercq toe tot het bestuur. Astrid David stapt op. Frank Van den Eeckhout wordt voorzitter en zakelijk directeur. Enkele maanden later neemt hij abrupt ontslag als bestuurslid, na een bizar conflict met de artistieke leiding. Hij stapt ook op als lid van de vereniging. 
In 2008 treden Luc Derycke en Stefaan Van Ryssen toe tot het bestuur. 
November 2009: Marc Coene wordt aangenomen als parttime werknemer en verdwijnt uit het bestuur. Sindsdien bestaat het bestuur uit volgende leden: Stefaan Van Ryssen, Sjoerd Paridaen, Johan De Wilde, Ilknur Cegniz, Marc De Clercq, Luc Derycke, Michaël Borremans.
December 2011: Stefaan Van Ryssen en Johan De Wilde stappen op uit het bestuur. Treden tot het bestuur toe: Joris Van der Borght, Jelle Clarisse, Dries Douibi en Luk Berghe. Op 24 januari 2012 worden Jelle Clarisse, Luk Berghe en Dries Douibi aangesteld als respectievelijk voorzitter ad interim, secretaris en penningmeester.

1996, Open Deuren. Locatie 1, Aannemersstraat 183, een instalraam in de etalage van De Griffel, een krantenwinkel. Net voor zomer had Ije Raaijmakers hetzelfde werk, zijn afstudeerproject, in Moving Space gepresenteerd.

2010. TVF art doc cinema, presentatie 10: Other Sounds at Logos. Hans-Karsten Raecke at Logos on October 19, 2005. Excerpt from "Solar" für Blas-Metall-Dosen-Harfe, "Elemente" für Pfeifentopf, Tabak, Lauge und Live-Elektronik. From Other Sounds volume 84.

Happening John Cage & Fluxus, 1 april 2008. Een project van Jonas Scheys. Avondvullend programma met onder andere ook een werk van Godfried-Willem Raes, E10, een compositie voor gitaar solo.

2011. TVF art doc cinema. BODY ART. Een set van drie documentaires met performances van Stelarc, Franco B en Nico Raes. Shattered Dreams van Nico Raes werd geregistreerd in Kopenhagen, in 2004, tijdens het Junge Hunde festival.

Een van de zes kunstenaars uit Italië die instemmen om mee te gaan in Signos de Admiracion (1992). Met 6 op 25 zit Italië voorin. In het archief zijn geen gegevens over de plannen van Ranaldi.

1997. crox 70, Schilderkunst Hedendaags Belgisch. Cactus, een relatief groot doek uit jaren zestig, het werk dat Roger Raveel inbrengt, is niet het enige dat gemaakt werd lang voor de croxmachine op gang getrokken werd. Ook de werken van Herr Seele, Dirk De Vos en Sjoerd Paridaen stammen uit een andere periode.

RE:

A GROUP SHOW. Gastproductie, september 2010. RE:, gegroeid uit Punctum vzw, is een collectief van jonge fotografen. Het project A Group Show combineert werk van 13 fotografen uit binnen- en buitenland.
Alexandra Leykauf (DE), Anouk Kruithof (NL), Claudia Weber (DE), Dominique Somers, Edward Clydesdale Thomson (GB), Eva-Fiore Kovacovsky (CH), Jimmy Robert (FR), Kathleen Vinck, Michèle Matyn, Sara Deraedt, Saskia Noor van Imhoff (NL), Tania Theodorou (GR) en Valérie Mannaerts. W. Wolkman, alter ego van Boris Van Den Eynde, ontwerpt en concretiseert de publicatie en Hans Theys levert een essayistische bijdrage.
Het RE:-collectief groepeert Egon Van Herreweghe, Maarten Dings en Joachim Naudts.

de uitnodiging:

Dear, we like to invite you to
A Group Show,
A Punctum Exhibition curated by RE:
- Focusing on an alternative approach to the photographic object and emphasizing on the way images are being incorporated by artists.
- How photography is used in an (often associative) game of construction and deconstruction of the medium itself.
- The way photography is dealt with in relation to the threedimensionale exhibition space.
- Approaching photography as an object rather than (merely) a representational depiction of 'something'.
(...)
- Bringing together people with an investigating attitude towards the photography and creating a context in which there is room for experiment.
- Believing that it's possible to make an interesting show without a rigid relationship between artist and curator.
- Trying to communicate something about the subject of the show instead of showing examples of work that could represent that subject.
Artworks: Rather random intervals of an intellectual process that can be lifted, continued, changed and destroyed infinitely. (quote borrowed from the 'cahiers' by Paul Valéry)

Uit Transcriptie 1. M zegt: Ik heb echt de gedachte gehad dat wij, ingegeven door RE:COLLECTIONS (1) en de manier waarop dat gegaan is, dat wij er alleszins niet in slagen om artistiek samen te werken. Wij slagen erin om organisatorisch samen te werken, maar artistiek is dat eigenlijk alweer niet gelukt. Dat is geen verwijt naar één van ons. Ik denk dat ik daarmee vooral bedoel dat wij niet echt de tijd gevonden hebben om op regelmatige basis samen te discussiëren, van hoe moet het er volgens ons uitzien, zitten we op de goede weg? Ik denk niet dat het een bewuste keuze is, daarbij neemt het organisatorische aspect te veel tijd in beslag, maar dat wij er te weinig aan toe gekomen zijn om met ons drieën te praten over hoe we de tentoonstelling zien of hoe ieder van ons die tentoonstelling ziet. Dat is in mijn opinie niet gelukt. ik bedoel, als je de tijd ziet die we steken in het discussiëren over de uitgangspunten voor de tentoonstelling, hoe we daarvoor kommaneuken, etc. en je dan kijkt naar het moment waarop het eigenlijk vorm krijgt of dat het eigenlijk ontstaat, wel dan hebben wij daarover zeer weinig momenten gehad voor discussie. Dat dit allemaal te maken heeft met praktische zaken, spreekt voor zich. Maar dat is wel een constatering. Er is geen enkel moment geweest dat wij met ons drieën door die ruimte gelopen hebben en gezegd hebben van kijk, ik denk dit en dit en dit. Dar we daarover gepraat hebben. Wij zijn overspoeld geweest, wat op zich heel interessant was. En waarbij iedereen ook zijn uiterste best gedaan heeft om het zo goed mogelijk te doen. Dan is het op zich wel een voordeel dat we op voorhand zo vaak gesproken hebben over wat we willen. Wat niet wegneemt dat de details vaak wel heel erg interessant zijn. Van de dingen die we kunnen leren als het organisatorische wegneemt, heb ik het gevoel dat we daar gewoon veel gemist hebben. Maar misschien ook in het feit van ja, wat willen we met ons drieën doen? Hoe zien we dat? En hoe moet dat gaan?

Uit Transcriptie 2. E zegt: Daarnet hadden we het er nog over dat we in het begin het gevoel hadden dat die aspecten met elkaar verbonden waren. We hadden het gevoel dat die mensen de fotografie niet op een statische manier benaderen, dat was het uitgangspunt. En het is via het ene dat we het andere ontdekt hebben en wat dat betreft is het eigenlijk heel vloeiend gegaan en niet langs een rigide systeem. Het verschil met een curator die een selectie maakt, is heel concreet want die voert bewijslast aan voor zijn thesis, zijn punt. Terwijl wij zijn vertrokken vanuit een selectie van mensen en dan krijg je natuurlijk een spannender gegeven, veelzijdiger ook. Maar goed, onze affiche zegt niet meer dan kijk het is een 'groupshow' en laat zien dat er 'goesting' is.

Uit Transcriptie 2. J zegt: Maar ik denk dat als je de visietekst letterlijk bekijkt, dat die inderdaad niet klopt, maar als je deze met een beetje meer vaagheid benadert of net iets ruimer probeert te interpreteren, dan zie je in zoiets ook dat mensen eigenlijk allemaal... Alleen al door de inhoudelijkheid van hun werk iets uitstralen dat lijkt alsof zoiets mogelijk moet zijn. Wat ik eigenlijk wil zeggen is dat door te zeggen dat het een procestentoonstelling is, je eigenlijk zou kunnen pretenderen dat... Dat er door die werken, waar je eigenlijk niet rechtstreeks de gemeenschappelijkheid in ziet, dat er wel een rode draad door loopt. En eigenlijk dat, als je door de tentoonstelling loopt, je jouw eigen rode draad wel zal zien, punt.

Als een luidop, maar toch zacht denken Over een tentoonstelling gemaakt door RE: Hans Theys schrijft: Gisteren zag ik een prachtige groepstentoonstelling, die werd georganiseerd door drie kunstenaars: Maarten Dings, Joachim Naudts en Egon Van Herreweghe. Meteen was ik gegrepen door de manier waarop de werken van de deelnemende kunstenaars (...) een boeiend gesprek met elkaar aangingen. Kleuren, tonen, voorwerpen, onderwerpen en beelden werden hernomen en herhaald, als een fugatisch gesprek tussen mensen die naar elkaar luisteren. Een heel uitzonderlijk resultaat, vooral toen bleek dat de organiserende kunstenaars geen enkel werk hadden uitgekozen, maar de kunstenaars volledig carte blanche hadden gegeven (met als bijkomend positief gevolg dat de meeste werken nieuw zijn of voor de eerste keer getoond worden). Anderzijds verbaast dit mij niet, omdat de organisatoren zélf een collectief vormen, en de kunst beheersen op elegante wijze van mening te verschillen en samen mooie dingen te maken.

De activiteiten van croxhapox vzw hebben onmiskenbaar een rebels karakter. In croxhapox komt zelden mainstream aan bod.

Landhuispannekoeken. Veganistisch recept. Tarwe- en boekweitmeel, gelijke hoeveelheden. Kikkererwtenmeel kan ook. Soyamelk en/of rijstmelk, gelijke hoeveelheden. Tarwe- en boekweitmeel in pot gooien. Dooreenroeren. Een hoeveelheid soyamelk en/of rijstmelk toevoegen. Zoals mortel gemaakt wordt. Roeren met vork. Geen mixer gebruiken. Trage opbouw. Ga niet in één keer alles heftig dooreen roeren. Roer vanuit het centrum, waar de soyamelk hoort toegevoegd te worden. Roer met een losse, dansende, amper dwingende beweging. Zodra het meel in pasta verandert, kan je sneller gaan roeren. Voeg nog meer soya- en rijstmelk toe tot het deeg vloeibaar is en tijdens het roeren heen en weer gaat klotsen. Voeg groentenbouillon toe. Aan die bouillon kan je desgewenst wat suiker toevoegen. Een tik volstaat. Suikerzoete pannekoeken hoeven het niet te worden. Er mag hoe dan ook veel vocht (soyamelk, rijstmelk, bouillon, water) toegevoegd worden. Het duurt even voor we gaan bakken. Het deeg heeft alle tijd om in te dikken. Net voor het bakken kan er altijd nog wat soya- of rijstmelk toegevoegd worden. In de braadpan moet het vloeien met één handomdraai, zo vloeibaar willen we het hebben. Voeg vers gemalen kaneel toe, een tip gember en kardemon. Voeg zout toe en ook wat peper. Met specerijen en kruiden kan gevarieerd worden. Vermijd artificiële producten. Om ei te vervangen desalniettemin beschikken we over No Egg, een product op basis van tapioca. Er zitten best nog wat dingen in. Hoe je No Egg verwerken moet, staat op de verpakking. Lees de verpakking. Blijf roeren. Draai in de pot. Om gladde bak te bevorderen gaan we zonnebloemolie toevoegen. Een of twee koppen. We roeren, we blijven roeren. De mixer gebruiken we alleen als het mengsel fout loopt. Dat gebeurt niet, het mag niet.
Voor het bakken gebruik je bij voorkeur een greenpan en zonnebloemolie. Olijfolie kan net zo goed.

Non-veganistisch. Het basisgegeven is als hierboven: tijd nemen, onder geen enkel beding zelfrijzende bloem of gist en geen mixer gebruiken. Het mengen hoort op een trage en natuurlijke manier te gebeuren.
We willen lichte, bijna doorzichtige pannekoeken en gebruiken dus alleen tarwemeel. Aan het meel voegen we sloten melk toe. Eerst traag roeren, zoals mortel gemaakt wordt. Zodra het deeg al min of meer vloeibaar is, voegen we drie eierdooiers toe. Het eiwit houden we apart. We kruiden met kaneel, voegen een snuif zout toe en roeren gesmolten boter door het deeg. Het deeg aanlengen met melk en water. De kwaliteit van het deeg heeft met de ingrediënten maar ook met het roeren te maken. Met het roeren brengen we lucht in het deeg. Het deeg hoort zo vloeibaar te zijn dat het tijdens het bakken met één handomdraai in de pan staat. Helemaal aan het eind voegen we het schuimige eiwit toe. Het eiwit zacht door het deeg roeren en het deeg hierna een uur of twee laten indikken.

Voor het crox-programma hanteren we het hierboven beschreven principe. Het programma komt op een natuurlijke en ogenschijnlijk trage manier tot stand, zonder inmenging van buitenaf. We roeren in de pot. Rond de pot gaan draaien, het biedt weinig perspectief.

>Klunchun, Pichet
www.aidaredza.blogspot.com

Geen reeks: een verzameling die geen verzameling is.
Het ronde huis, een huis met één muur.
In het huis dat uit één muur bestaat, een ronde muur, kan je geen schilderijen aan de muur hangen. Ronde dingen kan wel. Ook klein kan en langwerpig kan ook. Tenzij we aannemen dat de bewoners van het ronde huis dat uit één muur bestaat, een ronde muur, niet stil kunnen zitten, de hele dag van 's ochtends vroeg tot 's avonds laat met dingen bezig willen zijn en heel af en toe, op winteravonden als het kraakt en vriest, door de neiging bekropen worden om eens iets te gaan doen dat geen enkel nut heeft: een schilderij maken. In het salon raken ze het niet kwijt, op de bovenverdiepingen evenmin. In het ronde huis wordt Rembrandt daarom nageschilderd op het bolle vlak van een ganzenei. Tuymans is een aardappelboer en loopt op klompen.

Van alles hooguit één ding bijhouden, één lepel, één broek, één deur, een tafel, één stoel, één stofje in de hoek van de kamer, één schoen: reeks.
Van één iets alles bijhouden: alle exemplaren van de eerste druk van Over Vorm. Of niets. Ook een reeks.

Soms onstaat een reeks toevallig. Op zaterdag 22 mei 1999 trof iemand op de rommelmarkt aan Sint-Jacobs een exemplaar aan van KAAS, de Querido-editie waarvan in 1969 een zestiende druk verschenen was. Die druk. Mosterdgele kaft, op de voorzijde: Willem Elsschot (zwarte), Querido (witte) en Kaas (weer in zwarte letters). Hij opende het boek op de titelpagina, draaide het door z'n schrijfmachine, dat bleek aanvankelijk niet te willen lukken, en schreef: 'Rommelmarkt Gent, aan Sint-Jacobs. Er aangetroffen door Hans van Heirseele op zaterdag 22 mei 1999.' Anderhalf jaar later trof hij in Oostende een exemplaar aan van dezelfde mosterdgeel gekleurde zestiende editie. Over de rug heen, onderaan, is een wit aangebracht: ELSS staat er. Op de voorzijde, rechts bovenaan, is een reepje tape waarvan de randen smerig worden door de vele handen en vingers die het boek hebben aangeraakt. Hier staat Els / 4.3a, wat over de bovenste helft van de W van Willem kwam te staan. Het boek heeft deel uitgemaakt van de KLBO of Campus Kattenberg, ook dat staat op de voorzijde te lezen, een filiaal in de Sint-Amandstraat te 9000 Gent, op huisnummer 92. Het werd er aangekocht of afgevoerd in 1999. Dit vignet vermeldt onderaan de volstrekte overbodige mededeling Kaas, wat immers al op de voorzijde staat. Binnenin, op de voorflap, is een schat aan informatie. Eerst en vooral worden auteur en titel van het boek nogmaals vermeld, bovenaan de bladzijde. Onderaan staat dat het boek in Amsterdam uitgegeven werd en het jaartal stemt exact overeen met het jaar waarin de zestiende druk op de markt werd gegooid. Interessanter is de stempel die zich vlak onder deze gegevens bevindt: Middelbare Normaalschool Eeklo staat er. De rospaarse stempel is flauw in het boek gezet. Hieruit valt af te leiden dat ze in de bibliotheek van de Middelbare Normaalschool van Eeklo toen ongetwijfeld geen geld hadden om zich een nieuw vloeibakje aan te schaffen. Midden de bladzijde is nog een stempel, een ronde dit keer, met zo weinig kracht tegen het papier aangedrukt dat de mededeling slechts met grote moeite te ontcijferen is. Bovenaan links werd eerst 80.3 ELS. 4.3a geschreven, met blauwe balpen, en daaronder schreef iemand met een zwarte stift waarvan de punt heel erg fijn is: 1999/23962. De huidige bezitter sloeg het boek open, draaide het door de schrijfmachine, wat weer dreigde te mislukken, en schreef: 'Dit boek kwam in het bezit van Hans van Heirseele op zaterdag 23 september 2000, omstreeks het middaguur. Het werd aangetroffen in het Kringloopcentrum te Oostende, onder het hoofdding Ndl. Auteurs.'
Twee boeken, een reeks. De reeks maakt deel uit van het project Verzamelwoede (2007) in Abdij Maagdendale te Oudenaarde.

De blauwdrukken van Maria Blondeel (crox 17/crox 30/crox 57): definiëren van plaats en tijd. De blauwdrukken zijn een gestolde beweging: daglicht beweegt om een voorwerp heen en laat een afdruk na. De blauwdrukken zijn telkens een reeks, zo goed als altijd gekoppeld aan de ruimte waar het werk gebracht wordt. Alle projecten samen vormen een reeks.
Nog zo'n frappante reeks: de zelfportretten van Ruth Mentens (crox 40). Door de vreemde distorties is elk zelfportret anders, door de manier van tekenen is elk portret volstrekt identiek. De lijnvoering is identiek, de blik is identiek, de compositie is identiek.

De schetsen en tekeningen van Hugo De Smaele hebben letterlijk het onder andere bij Mozart gebruikelijke Theme and variations als uitgangspunt. De terminologie van de titels ontleent hij aan het bij muziekwerk gebruikelijke jargon. Bij Herman Baeten bestaat de herhaling, en hierdoor de serie, uit het telkens opnieuw over elkaar aanbrengen van als compositorisch element bedoelde linosnedes.

De camping cars en de plattegronden van Ward Denys (crox 75). Ook weer zo'n reeks. De plattegronden hebben een Pereciaanse referentie: het zijn hotelkamers zoals Ward zich die hotelkamers herinnert. Elke plattegrond is een tegel en elke tegel staat voor een moment.

Duitse kunstenaar met verblijf te Brussel. Neemt deel aan 'What about Croxhapox', crox 186, een mail art call uit 2006, gepresenteerd in de Thomsenruimte eind 2007. Het project werd gecoördineerd door Frips en Marc Coene.
Bernd Reichert is een van de performers tijdens de live mailart act van de Japanse kunstenaar Ryosuke Cohen, zomer 2007.

Solo project, 17 mei-8 juni 2008.
Subsurface intern communication (while) seeking for a presentation. A or B.

[Interne onderwater communicatie (onderwijl) zoekend naar een presentatie. A of B. - originele titel in het Engels]

1. Plek waar kunstenaars uit het buitenland overnachten. Van 1995 tot 2000 een variabel aantal plekken in de buurt van Aannemersstraat 54 of bij een crox-medewerker die over een gastenkamer beschikt. Zo overnachten Suzan Batu, Dianna Frid en Wendy Hirschberg bij Marijke Bontinck, medewerker tot lente 1999. Thomas Broadbent (april 1996) heeft genoeg aan een veldbed in het souterrain van Aannemersstraat 54. Voorts wordt er in die periode ook af en toe gebruik gemaakt van een Bed & Breakfast in de Toekomststraat. Rustiek kamertje en megachique ontbijt. Later, vanaf 2003, wordt vooral met Hotel Flandria gewerkt, een hotel in de Barrestraat, vlakbij Sint-Baafs. Pas vanaf 2010 is er ook echt een crox-residentie, in de Delvinlaan, op het eerste van het pand waar een van de bestuursleden woont.

2. Korte werkperiode tussen de eigenlijke projectperiodes in. Een traject waar we in 2011 mee beginnen. Tot eind 2009 zijn er vooral toonmomenten. De residentie, of korte werkperiode, bij die korte werkperiode hoort ook altijd een presentatie, biedt een aantal studenten de mogelijkheid om in de croxruimte met presentatie te experimenteren en er eventueel ook een werk te realiseren.
Lente 2011: Meggy Rustamova (KASK), Melissa Mabesoone (KASK), Kylian Van der Have (NL/Sint-Lucas), Machteld Rullens (NL/Sint-Lucas), Yana Cordenier (KASK). Klaas De Roo. Johanna Van Overmeir (KASK), Rudy Lycke (KASK) & Evelyne Bleyenberg (NL/KASK). Sandrine Verstraete (KASK), Danae Baert, Johanna Van Overmeir/Hans Beckers/Peter Van Houweling, (KASK), Sjoerd Van Leeuwen (NL) en Joris De Rycke (Sint-Lucas).

Riera i Arago (1954) woont in Barcelona, anno 1991 in Nou de Sta. Eulàlia op huisnummer 14. In de documenten die betrekking hebben op Signos de Admiracion, un des projets crox qui finissait dans les décors, is weinig meer terug te vinden. Wat ik me herinner is dat de maquette een onderzeeër voorstelde. In wat voor materiaal de kunstenaar het toestel wenste uit te voeren en op welke locatie in Gent het object gepresenteerd zou worden, herinner ik me niet. Dat laatste is een verhaal op zich: gedurende weken doorkruisten we de Gentse binnenstad op zoek naar geschikte locaties. De maximumhoogte van de objecten was vastgelegd op 14m. Ik meen me te herinneren dat we dat toen niet eens heel erg hoog vonden, maar wellicht om redenen van technische aard besloten om het niet moeilijker te gaan maken dan het was. De afmeting van de sculptuur van Riera i Arago bleef horizontaal beperkt tot een meter of vijf. Met het voorstel waar Henk Visch mee afkwam, was het een van de kleinere objecten.

"We hebben altijd veel risico's genomen." (Croxhapox ressurection, juni 2003 - Stefaan Anrys).

 

De discipline van het risico. Titel van een proefschrift (1986) van Hans van Heirseele. Mentor is Gilbert De Roeck. De auteur hekelt het formalisme en stelt dat de kunstenaar de enige is die het voor het zeggen heeft. Het zijn dezelfde principes die later het karakter van croxhapox bepalen.

KUNST EN DE VRIJE MARKTECONOMIE, auteur: Daniël Robberechts. Opiniestuk. De Morgen, 1992.
-->zelfportret
"In Giverny bezochten we het huis en de tuin van Monet. Het werd een
heerlijke namiddag. De tuin was gewoon prachtig. In de woning drong voor
het eerst iets van de schoonheid van Japanse prenten tot me door. We
moesten wel wat aanschuiven - daar hadden een paar autobussen uit Parijs
voor gezorgd - maar echt hinderlijk was de toeloop niet geworden. Toen
we naar buiten gingen wees Cee me een soort van gedenkplaat aan; daarop
stond vermeld dat we de vrijwaring en het onderhoud van tuin en woning
aan de eigenares van Reader's Digest hadden te danken. Daarmee was de
namiddag voor mij bedorven.
Eigenlijk zei de gedenkplaat: 'Dat het
hoofdzakelijk of uitsluitend troep is wat we met dat blaadje van ons
uitbrengen, nu weldra zeventig jaar lang al, dat weten we wel. We hebben
er intussen flink aan verdiend. Zo veel, dat we ook een beroemde
kunstkollektie hebben kunnen samenstellen. En kijk: zonder dat geld waar
jij zo vies van bent, zouden het huis en de tuin van Monet nu verdwenen
zijn. Want uiteindelijk heeft het geld, ook het smerigste, toch altijd
het laatste woord - ook over de kunst."
Ik ben me wel bewust dat ik
volstrekt niet onpartijdig ben tegenover de koophandel en het geld. Het
zal wel geen toeval zijn dat ik als kind wel monnik, piloot of militair
wilde worden, maar dat nooit bij me is opgekomen om een werkelijk
produktief - d.i. ekonomisch waardescheppend - beroep uit te oefenen. Ik
weet dat dat de koophandel een onschatbare vooruitgang betekende
tegenover de ruilhandel. Ik weet dat eerst de markt een algemeen verkeer
van alle mensen met elkaar mogelijk heeft gemaakt. Ik neem aan dat een
strenge planekonomie altijd veel te grof zal zijn om aan zovele
materiële behoeften te kunnen voldoen als een marktekonomie. Ik ben
zelfs bereid om aan te nemen dat "de markt een nooit geëvenaard
demokratisch mechanisme is" (Verhofstadt). Maar...
Ik weet ook dat
zelfs Vincent Van Gogh niet buiten de markt heeft geleefd: hij moest
tenslotte betalen voor zijn kleuren, doeken en penselen, en zijn mecenas
Theo kwam in een kunsthandel aan de kost. Aanvankelijk zullen het wel
louter kunstliefhebbers zijn geweest die voor de bewaring van zijn
werken hebben gezorgd, maar ik neem aan dat we het kostelijke bewaren en
onderhouden van die doeken nu ten minste voor een deel aan rijke
verzamelaars te danken hebben. Maar...
Maar er zijn twee dingen die
ik nooit aanvaard heb en nooit wil aanvaarden. Een. Dat de koophandel
het zo nodig van een opdringerige en grove en vernederende reklame moet
hebben als we dagelijks geserveerd krijgen, dat niet meer mensen zich
door die reklame gehoond en besmaad voelen; dat een reklame à la VTM
geen afkeer wekt en daardoor niet averechts gaat werken. "Maar de mensen
zien dat juist graag." Ik zou graag weten of dat wel klopt. Het is toch
best denkbaar dat vele kijkers die zich aanvankelijk louter door
nieuwsgierigheid tot dit nieuwe hebben laten verleiden, zich achteraf
uit gewoonte of lamlendigheid of pure miserie hebben laten inpakken?
Maar als het nu echt zo is dat de grofste en opdringerigste reklame het
altijd beter doet en dat "de mensen dat echt graag zien", dan kunnen "de
mensen" voor mijn part de hort op en wil ik me graag tot een elite
rekenen - een kieskeurige elite die tegenover de meerderheid alleen nog
het voorrecht geniet om verongelijkt te worden.
(Overigens vind ik
het een gore schande dat ik niet meer naar Nederands radionieuw kan
luisteren zonder daarvoor te moeten 'betalen' met het aanhoren van
reklameboodschappen; zelfs op Radio 3 moet ik herinnerd worden aan het
bestaan van een bank die vrolijk meewerkte aan de apartheid. "Maar het
doet toch geen pijn?" O nee, de ingreep is pijnloos; maar als ik over
afzienbare tijd begin te dementeren zal ik mijn familie verbazen door
ineens om een onbekende reden een fanatieke klant te worden van dezelfde
bank).
Twee. Dat het bestaan van een kunstwerk volledig afhangt van
de markt. Ik geloof en blijf geloven dat in elk kunstwerk iets anders
meespeelt dan geld verdienen, of zelfs brood. Het kunstwerk getuigt
juist dat er in weerwil van alles toch nog iets anders bestaat, dat geld
en markt niet alle behoeften kunnen bevredigen. Ik geloof zelfs dat elk
kunstwerk ten minste voor een tegen geld en markt in otstaat, precies
in de mate dat geld en markt uit zichzelf geneigd zijn om (letterlijk
totalitair) alles aan zich ondergeschikt te maken.
Binnen de
literatuur kan ik zelfs wijzen op de feitelijke tegenstellingen tussen
een meesterwerk en de markt. De lezer die een boek als een meesterwerk
ervaart, zal zich met genoegen een hele tijd lang in dat werk verdiepen,
en zolang veel minder of geen behoefte hebben aan andere lektuur. In
dat opzicht werkt een meesterwerk, voor zover het door lezers als
zodanig wordt ervaren, gewoon verkoop-stollend; en je begrijpt dat uitgevers en boekhandelaars het veel meer van verkoop-bevorderende
werken moeten hebben: boeken die de lezer net niet genoeg ontgoochelen
opdat ze helemaal stoppen met lezen en naar een konkurrende vorm van
vrijetijdsbesteding overstappen, maar die hen achteraf toch zo
onbevredigd laten dat ze onmiddellijk naar weer een ander boek
verlangen. Terwijl de boekenmarkt van de konsumenten verwacht dat ze
altijd meer en andere boeken lezen, of tenminste kopen, zet een literair
werk van topkwaliteit de lezer ertoe aan veel langer bij deze bepaalde
tekst te blijven stilstaan dan eigenlijk ekonomisch verantwoord is.
Ik
ben niet van mening dat een echte kunstenaar armoe behoort te lijden,
en ik gun elke kunstenaar een inkomen. Maar ik ben van oordeel dat dit
geld voor hem een toemaat moet zijn. Ik kan me geen echte kunst
voorstellen die niet naar iets totaal anders hunkert dan wat de
gevestigde kultuur te bieden heeft. Kinderlijk of prometeïsch, zoals u
wilt, maar in ieder geval halsstarrig, 'onredelijk'. Ik geloof dat de
kunstenaar die in de eerste plaats aan verkoopbaarheid of zelfs
rendabiliteit denkt (of moet denken), zich bij voorbaat naar de
heersende orde heeft gevoegd en ons dus niet echt iets anders biedt.
Voor hetzelfde geld kon hij bankbediende zijn en eigenlijk minder gedwee in het systeem meedraaien.
Het
is uiteraard mogelijk dat ik me vergis. Dat mijn mening zeer binnenkort
als achterhaald romantisch wordt beschouwd. Dat niemand er nog maar aan
denkt zich aan een kunstwerk te zetten waar geen vooraf bepaalde vraag
naar is (die dan het liefst via een marktonderzoek wordt gemeten). Dat
we naar een kultuur evolueren waarin kunstenaars zich even
vanzelfsprekend vooraf naar de regels van de markt voegen als primitieve
ambachtslui naar de traditionele en onbetwistbare regels van hun
voorgangers. Maar dan hoeft het voor mij niet meer.
"Maar als het nu
eenmaal die kant opgaat, dan helpt jouw lievemoederen daar toch niks
aan?" De reden waarom ik mijn weigering uitdruk is: dat het goeddeels
van de kunstenaars zelf afhangt of de markt allesoverheersend is. Want
telkens als iemand zich naar de regels van de markt voegt, maakt hij ze
ook zoveel dwingender.' De Morgen, 1992, auteur: Daniël Robberechts

2008. Acteren in The Gentlemen's Gentlemen, een theaterproductie van Brian Getnick en Noe Kidder (US).
2009. 2 tot 11 maart. crox 294. Presentatie in de Thomsenruimte. Ze zijn net terug uit de States. In het project wordt materiaal verwerkt dat ze daar verzameld hadden.
2009. 7 tot 22 november. crox 320. An Environment in Yellow and Blue. Een project in de grote zaal. Installaties en bouwsels. Alles in meervoud. Objecten, foto's, video-presentaties, acties. De hele zaal is volgebouwd.
2011. Manifold, een project van Sandrine Verstraete. Frank is een van de acteurs, Robbert filmt.

Reeks 1. Urine. Blauw. Prostituée. Khadafi. Vlek. Blank. Paalwoning. Geit. Rotshoogte met berkenbosje. Een koortje, flatulatief. Boom, schedeloperatie.
Reeks 2. Robbert filmt.

croxhapox "Over het nonsensikale woord 'Croxhapox' struikelden al heel
wat mensen. Het is een vondst van Hans van Heirseele zelf. Het is de
naam van een robot uit een verhaal van hem. Dat struikelend
raadselachtige is natuurlijk typerend voor de filosofie van Croxhapox.
Een van hun bekendste manifestaties is zeker >En Passant. Dat was
een route van vijfentwintig 'instalramen' in de Gentse binnenstad."
(Danny Dobbelaere, Het Volk, 16 november 1994).

'CROXHAPOX RESURRECTION De opstanding van robot en kunstgalerie croxhapox' STEPS Oost-Vlaanderen, juni 2003. Auteur: Stefaan Anrys. In de recensie zelf komt Anrys niet terug op het woord robot.

2010. TVF art doc cinema, presentatie 10: Other Sounds at Logos. M & M, Mens en Machines: Robotorkest. Presentatie met sound performances van Erwin Stache, Stefano Scodanibbio, Jaap Blonk & Carl Ludiwg Hübsch, Hans-Karsten Raecke, Stephan Froleyks, Isabeella Beumer en als laatste item het M & M Robotorkest.

Roest rust, titel van het derde crox-project (Edwin Carels, april 1990). Er is op dat moment nog geen sprake van een vzw. Het is net het project van Edwin Carels dat FF prikkelt om de stap te zetten en mee in een VZW-structuur te stappen. Edwin levert ook het fraaie gastenboek van de firma KOCKX & CO. Het legendarische gastenboek met roestbruine kaft gaat mee tot zomer 2000.

2005. crox 145, BASICS 2. Een klankinstallatie. Opname van het metal bandje van Matthieu Ronsse, gereduceerd tot de vocals. Geen idee of 't om een studio-opname gaat.
In een document uit die periode tref ik wat technische gegevens: Philips micro hifi system mcm 190 + boxen. Performance 17'. Polaroid hoesje beveiligd met plastic. Verzekeringswaarde alles samen: 1150 euro.

Maandag 24 maart 2008, concertavond KRAAK. Hush Arbors en Jack Rose.

Een routebeschrijving. Ik bevind mij op de E17 en rij richting Kortrijk. De routebeschrijving is als volgt:
afrit Waregem rechtsop
eerst lichten dan rondpunt
eerste lichten voorbij rondpunt rechtsaf
richting centrum/kruishoutem
volgend rondpunt rechtsaf richting centrum/hippodroom/kruishoutem
ja passeert een gebouw met groene plexi balkons
er zijn knipperlichten doorrijden
wat verderop opnieuw lichten
doorrijden ringweg volgen
volgende lichten kruishoutem voorbijrijden
pas daarna aan de eerstvolgende lichten links
richting centrum
de andere richting is zulte
richting centrum is zultstesteenweg
hier tweede straat rechts dat is de wollestraat(1)
hier eerste straat rechts dat is de juttestraat
hier eerste straat rechts en in die straat huisnummer 7
Twee keer raden wie de deur opent.

(1) Vanaf hier gaat het volledig fout. In plaats van rechts had er links te staan.

roze in de schilderijen van Carole Vanderlinden (crox 128). Het is een mengtint, een grijsachtig roze. (grijs)
De roze vingers van Annelies Slabbynck, het zijn er honderden.
De roze bolvorm die Karien Vandekerkhove in een mix van 3d en 2d in de croxruimte aanbrengt (crox 155).
De roze netjes die Wouter Feyaerts recycleert en als zintuigen gebruikt. (crox 163).

'Waadruim : legenda' (croxboek NR 7) van Nicolas Leus: P roze plastiek (80cm hoog) - 4 mascara (rozerood) - 4 overschilderde strook (oorspronkelijk zalmkleurig) - 9 laagte (rozig)- 10 aquamarijn (groen, blauw, geel, kleurloos, roze) (doorzichtig tot doorschijnend) - 11 badkamerkastje met spiegeldeuren en ingewerkte lamp (reflectie van een oudroze gordijn in de wind).

 

 

 

Backstage (straatkant) aan diggelen./ Lieve D’hondt(crox 95) brengt de letter F aan op de ruit van de beletage van Aannemersstraat 54. Het is een foto van die letter F (en het synchrone panorama van het straatbeeld) die in De Morgen wordt afgedrukt./ Stefaan Dheedene kalkt de ruiten van Onderstraat 26./ Het instalraamproject: een opeenstapeling van ruiten. (instalraam)/ Jens Brand (crox 36) kleeft een oranje stip op een van de ruiten van Onderstraat 51./ Hendrik Vermeulen (crox 115) brengt tape en kalk op de ruiten aan (Onderstraat 26)./ Ron Huebner (crox 111) kleeft de tekst Jewels by Huebner op de ruit van het deurpaneel./ Sjoerd Paridaen en Hans van Heirseele (crox 133) kalken de ruiten, en laten een uitsparing voor de mailart./ Over Kalken gesproken: In Den Bouw heeft een prachtig ruitje, de bovenzijde ervan is rond en ge kunt er het weidse landschap zien. Of iets wijds of weids is, het is detail./ De ruiten van Beverhoutplein 7. Als ge 6 ruiten hebt en 9 letters, hoe lost ge dat op? Het voordeel van het uithangbord is dat ge geen ruiten nodig hebt. En het voordeel als ge geen ruiten hebt: ze kunnen ze niet inslaan.

2011. Januari: korte residentie. Corridor en zaal achterin.
Juni: presentatie afstudeerproject (Masters MMV, KASK). Corridor en zaal achterin.